Dierenrechten en uw kleding

Met de woorden van de dierenrechtenbeweging

“Een leren jas is in wezen al even overbodig als een bontjas.”

Bond zonder bont, nu samen met GAIA

“Schapen zijn er niet om door ons afgeschoren te worden en hun wol te laten gebruiken.”

Johan Braeckman, VT4

“Pels, wol, leder, zijde zijn moord!”

Spandoek betoging DRO, Hamburg 1996

Tot de kern van de zaak

De val

Recent verschenen in talrijke Europese kranten dure advertenties die schreeuwen om een invoerverbod van wildpels. Om de publieke opinie te overtuigen goochelen de DRO’s hierbij met woorden als ethiek en moraal. Blijkbaar is het voor hen de normaalste zaak van de wereld om mensen klakkeloos te veroordelen zonder eens dieper over de feiten na te denken.

Indianen en eskimo’s hebben in het Hoge Noorden altijd al van de jacht geleefd en zullen dat blijven doen omdat in die koude gebieden gewoon geen landbouw mogelijk is. Je kan nu eenmaal geen graan in ijs kweken. Zelfs als de volledige pelshandel verdwijnt zal de jacht blijven bestaan om in voedsel te voorzien. Voor deze mensen is een verbod op de verkoop van wildpels dan ook totaal onbegrijpelijk: alsof je zou willen dat het vel van een geslachte koe in Europa niet meer verhandeld mag worden en moet worden weggegooid.

Emotie verkopen

Dat de kopstukken van de DR-beweging zeer goed de gevolgen van hun acties beseffen, bewijst de tekst van één van hun eigen uitgelekte rapporten: “Pas nu – jaren na de zeehondenbontcampagne – is er enige reactie met betrekking tot de leefwereld van de eskimo’s, en dan nog. De snuit van een zeehondje spreekt de modale burger nog steeds meer aan dan de verslechterde leefsituatie van de veraf wonende autochtone bevolking.”

De volkeren van de wouden en de ijsschotsen worden economisch in de kou gezet omdat hun levenswijze, gebaseerd op duurzame jacht, stuit op verzet van de natuur vervreemde actiegroepen in het rijke westen. Is dat trouwens geen nieuwe vorm van imperialisme van de blanken uit het westen?

Misleiding

Kopstukken van de DR-beweging beweren dat de inheemse volkeren zelf zich al meermaals voor een importverbod hebben uitgesproken. Zij verwijzen daarbij naar de Native/Animal Brotherhood (NAB), een Canadees-inheemse organisatie die zich uitspreekt tegen de bonthandel. Maar de Europese Alliantie met Inheemse Volkeren heeft al meermaals in de pers gewezen op het feit dat deze NAB een non-organisatie is: ze bestaat niet echt en vertegenwoordigt niets. Ze is hoogstens een one-man-show. Volgens sommige bronnen zou ze zelfs door de DRO zijn opgericht!

Doet de DRO niet aan misleiding van de publieke opinie en de Europese politici door de NAB naar voren te schuiven en de andere meer representatieve inheemse organisaties moedwillig niet te vermelden? Meer nog: door te stellen dat inheemsen zich al meermaals hebben uitgesproken voor het Europese invoerverbod?

Europarlement in de val

In 1991 werd in het Europarlement een wetsvoorstel aangenomen dat de import verbiedt vanaf 1996 in de EG van pelsprodukten van dertien in het wild levende diersoorten als de vangst van deze dieren niet gebeurt met door de ISO (Internationale Standaard Organisatie) goedgekeurde vallen. Onder druk van de GATT (Wereldhandelsorganisatie) is dit verbod al enkele malen uitgesteld. De GATT wees erop dat de normen nog altijd niet voorhanden zijn en dat het vangen van schadelijke dieren (b.v. muskusratten) ook in Europa nog niet gereglementeerd is. De DRO’s verwerpen alle vooropgestelde haalbare normen. Als er geen normen komen, dan kan de handel niet aan de nieuwe wet voldoen en is volgens hen een importverbod onvermijdelijk. Hun echte doel is de pelshandel een slag toe te brengen en niet de ontwikkeling van diervriendelijke vallen.

Natuurlijk evenwicht

Maar trappen gebeurt niet uitsluitend voor pels. Van slechts 10% van de getrapte dieren belandt de pels in de handel. Trappen gebeurt ook voor de bescherming van dijken, landbouwgewassen en drinkwater (bever, muskusrat, beverrat), voor de bescherming van de veestapel (coyote, vos), voor de instandhouding van bepaalde natuurgebieden (bever, beverrat) en als voedsel voor mensen. Indien deze Europese regelgeving er in zijn huidige vorm zou komen zal er in de praktijk geen muskusrat minder om gevangen worden! Wel zal de manier van vangen verder op een niet-gereglementeerde manier kunnen geschieden.

De DRO’s hadden hier de kans om positief mee te werken om op wereldschaal het trappen op een meer diervriendelijke manier te doen plaatsvinden. Via de commerciële handel was er een mogelijkheid om humane vallen te introduceren, ongeacht de reden waarvoor het dier gevangen zou worden. Zo kan de handel de pelzen recupereren en verwerken. Deze bijdrage aan het welzijn van dieren interesseert hen blijkbaar niet.

Cultuur en traditie

Waar zijn we in het westen eigenlijk mee bezig? Als we enerzijds het Brundtland-rapport over de noodzakelijke instandhouding van bedreigde autochtone culturen ten hemel prijzen, als we iedereen oproepen om meer in harmonie met de natuur te leven en als we anderzijds toelaten dat de DRO’s de levenswijze en cultuur van mensen, die nog echt in en van de natuur leven, vernietigen?

Media en politiek

De professionele propagandamachine van de DR-lobby zorgt ervoor dat de publieke opinie in Europa bedwelmd blijft door een emotioneel rookgordijn.

En zolang haatdragend propagandamateriaal ongestoord de publieke opinie overspoelt, zullen de Europese politici hun nek niet durven uitsteken. Waarom zou een Europees politicus zijn carrière trouwens op het spel zetten voor mensen die duizenden kilometers van hier wonen en toch niet voor hem kunnen stemmen? De cirkel is rond.

Rijk tegen arm

De gezaghebbende Deense krant Politiken beschreef die hopeloze situatie voor de indianen onder de veelzeggende titel “De laatste indiaanse oorlog. Het is ironisch te moeten vaststellen dat de DRO’s wellicht zullen slagen in wat sinds eeuwen niet is gelukt: het van de kaart vegen van de laatste vestigingen van de volksculturen van het Noorden.” Hier heb je een ongelijk gevecht van welbespraakte, professionals van de protestindustrie uit het zonnige en weelderige Zuiden met ruime toegang tot de media, tegen mediavreemde mensen die in ijskoude en verafgelegen gebieden op een harde wijze moeten overleven. Een strijd van stedelingen tegen plattelandsbewoners, de eeuwige wanhopige strijd van arm tegen rijk.

Kweekpels

Het volgende staat te lezen in een uitgelekt rapport over de pelsdierhouderij: “We mogen zeker nooit de discussie aangaan met betrekking tot het welzijn van de dieren. Merkwaardig is in dit verband ook Jans ervaring met bezoeken aan pelsdierfarms. Na vooreerst een rondleiding te hebben gekregen door een kweker, kreeg Jan (lid Bond zonder bont) de gelegenheid met dezelfde groep kinderen eenzelfde rondleiding doorheen dezelfde farm te maken. Achteraf bleek dat de kinderen duidelijk minder kritiek hadden op bont, erger nog, zelf medestanders pro-bont waren! Zelfs voor Jan leek de behuizing niet zo klein als weergegeven door de cijfermatige afmetingen. Zulke rondleidingen moeten te allen tijde vermeden worden.”

Wordt hier eigenlijk niet afgesproken de waarheid te verstoppen? In welke mate zijn de beelden van de DRO’s over de pelsdierhouderij die we via de media te zien krijgen representatief voor de werkelijkheid?

Bloot

De pelshandel anno de jaren ‘90 is een zich verantwoordelijk opstellende, goed gereglementeerde industrie waartegen de DRO’s geen zinnige argumenten meer hebben. Het enige wat ze nu nog kunnen doen is enkele misleide mannequins naakt tegen pels te laten poseren. Maar weten deze modellen wel dat diezelfde groeperingen ook kleding uit leder, wol en zijde willen bannen? PeTA, de grootste DRO en lichtend voorbeeld voor alle andere DRO’s laat zich duidelijk uit tegen het houden en scheren van schapen voor hun wol. Topmannequin Noami Campbell die drie jaar geleden nog naakt poseerde met de slogan Liever naakt dan in bont beseft het blijkbaar wel. In maart ‘97 showde ze opnieuw pels en andere supermodellen volgden. Blijkbaar hebben mannequins toch meer doorzicht dan de DRO’s denken.

Na pels uw biefstuk

De Engelse Anti-bontgroepering verraste iedereen toen ze plots een advertentie plaatste tegen het eten van vlees: “Nu is Respect for Animals een campagne aan het voorbereiden om dit te doen (eten van vlees bannen). Hierbij zullen we dezelfde tactiek gebruiken die zo goed gewerkt heeft in onze succesvolle strijd tegen de pelshandel.” Men weet waar men aan begint wanneer men meespeelt met dergelijke drukkingsgroepen, maar wie zegt waar zoiets stopt?

Luxe

Bont zou een overbodig luxeproduct zijn. Kunnen we zonder pels? Zeker, net zoals we kunnen overleven zonder auto, hifi-keten en meubelen, zonder eigen huis, boeken, muziek of kunst. Maar dan zijn we opnieuw herleid tot het biologische niveau van het dier met een levensverwachting van 20 jaar met als enig doel: eten om te overleven en leven om zich voort te planten. In dit prehistorische kader is pels geen luxe meer maar levensnoodzakelijk.

De menselijke drama’s die de DRO’s bij de natuurvolkeren in het Hoge Noorden veroorzaken, laten hen duidelijk ijskoud. Hun eendimensionale ideologie bestaat erin dat zij buiten het dier niets meer zien. Heeft deze beweging wel iets te maken met ecologie wanneer blijkt uit de feiten dat net die mensen die nog echt in en van de natuur leven het grootste slachtoffer worden van hun ‘moraal’? Is dit niet de ergste vorm van hypocrisie, als je ziet hoe ze proberen mensen te manipuleren die het zich niet kunnen veroorloven zonder dieren te leven? Prediken zij niet door het verspreiden van emotionele desinformatie en het aanwakkeren van haat en onverdraagzaamheid een ‘ethiek’ die andere mensen de rekening presenteert? Vinden we deze koele anti-menslogica ook niet terug in hun acties tegen het gebruik van proefdieren?