De basis van de dierenrechtenbeweging, haar evolutie en haar toekomst
Dierenrechtenorganisaties hebben geen asiel, kopen geen natuurreservaten aan, investeren niet in alternatieven voor proefdieren…, waar gaan al die lieve centjes dan naar toe ?
Inleiding
Dierenrechten (DR) hebben niets te maken met dierenbescherming. Hoe je dieren ook houdt, voor de DR-activist is dat van geen tel, want het houden van dieren voor menselijke doeleinden is immers moreel verkeerd… Dit onderscheid is zeer belangrijk. De DR-activist beschouwt zichzelf als een ‘bevrijder’: hij of zij noemt de huidige maatschappij moreel verkeerd en wil ze veranderen.
Oorzaken van het ontstaan van deze beweging en waarom ze groeit
Drie elementen zijn daarvoor verantwoordelijk:
- Verstedelijking: Door de verstedelijking doen mensen fundamenteel andere ervaringen op met dieren. Ze zien de dieren in de natuur volledig anders dan iemand die op het platteland, in een landbouwmilieu, is opgegroeid. Heerst er bij een deel van de bevolking geen diepe vervreemding van de natuurlijke realiteit?
- Antropomorfisme: Wij wijzen menselijke eigenschappen toe aan dieren die ze in werkelijkheid niet hebben. Die neiging wordt sterk beïnvloed door tekenfilms uit onze jeugd. Daarin zien we dieren die lopen als mensen, spreken als mensen, gevoelens hebben als mensen, lachen als mensen, lijden als mensen… Dierenrechtenorganisaties (DRO’s) zien een rat niet meer als een rat maar als een niet-menselijk dier dat onze gevoelens en verlangens deelt en alleen maar een ander uiterlijk heeft.
- Wetenschap: Vroeger geloofde men dat God de mens schiep naar zijn beeld en gelijkenis, dat mens en dier verschillend waren. Dankzij de evolutietheorie leert de wetenschap ons vandaag dat apen en mensen gemeenschappelijke voorouders hebben, dat dolfijnen met elkaar kunnen communiceren, dat apen sociale wezens zijn… Daarbij worden essentiële verschillen met de mens soms genegeerd.
De combinatie
De combinatie van deze drie elementen doet sommigen geloven dat mens en dier effectief gelijk zijn en daarom als gelijken behandeld moeten worden. (Maar dieren onderling zijn niet gelijk want zij mogen elkaar wel gebruiken en opeten.) Dat is voor de DR-activist een diepe morele overtuiging, die nog versterkt wordt door de evoluerende moraal. Vroeger (in onze westerse maatschappij) hadden enkel blanke mannen rechten, vervolgens ook vrouwen en zwarten. Nu, zo klinkt hun redenering, moeten ook dieren ‘rechten’ krijgen. Het gebruik van dieren omschrijven zij daarom als ’slavernij’ en hun strijd beschouwen zij als een strijd voor een rechtvaardiger wereld.
Splitsing
Splitsing binnen de DR-beweging. Er tekent zich een duidelijke splitsing af binnen de DR-beweging in een puristische strekking en een pragmatische strekking:
- De purist stelt dat er geen samenwerking mogelijk is met andersdenkenden omdat die moreel verkeerd zijn. Wanneer vreedzame actiemiddelen niet helpen dan, zo redeneert men, is geweld gerechtvaardigd: iedere revolutie eist slachtoffers. Voorbeelden zijn het ALF (Animal Liberation Front) en de ARM (Animal Right Milicia).
- De pragmatist - bijvoorbeeld PeTA en GAIA – wenst hetzelfde doel, maar gelooft wel in een compromis en in een gesprek zolang het in zijn voordeel uitdraait. Hij komt telkens dichter bij een nieuw verbod op het gebruik van dieren. De pragmatist richt zich zeer actief op de jeugd. Hij maakt in principe geen gebruik van fysiek geweld.
Beide stromingen zijn even radicaal en streven hetzelfde doel na. De purist wil snel en radicaal, desnoods met geweld, deze veranderingen afdwingen en overtreedt daarbij naar eigen goeddunken de wet. De pragmatist wil hetzelfde bereiken zonder geweld. Hij verwerpt geweld maar begrijpt de acties van puristen omdat het doel heilig is. Hij werkt van binnen in de maatschappij – onder het mom van dierenbescherming – en poogt zo, stap per stap, zijn antimensmaatschappijmodel op te dringen.
Zo wil de DR-beweging het gebruik van proefdieren bannen. Gezien zij de maatschappij niet kan overtuigen met morele argumenten alleen, doet zij een beroep op emotie en desinformatie.
Moraal
De mens leeft van de voedselketen, net zoals andere levende wezens, en dat is moreel niet verkeerd. Aangezien alleen de mens het begrip ‘recht’ verstaat en kan leven volgens opgestelde wetten, zou hij zich 100% moeten aanpassen aan de dieren wanneer hij zogezegde ‘rechten’ van dieren moet respecteren.
DRO’s maken geen onderscheid tussen de begrippen ‘recht’ en ‘verantwoordelijkheid’. Op deze manier vormen ze een gevaar voor mensenrechten. Ze willen immers rechten en plichten van elkaar loskoppelen als het over dieren gaat, niet als het de mens betreft.
De toekomst
Twee facetten die de voedingsbodem vormen voor het bijgeloof in dierenrechten zullen nog aan gewicht winnen: de verstedelijkte generaties die totaal vervreemd zijn van de natuurlijke realiteit en de tv-cultuur die dieren in filmpjes als mensen tekent. Hierdoor zal de DR-beweging verder groeien en zullen er meer DRO’s ontstaan. De onderlinge competitie die daaruit voortvloeit zal leiden tot meer radicale standpunten en geweld.
The End… De volgende stap is het ontstaan van bewegingen die ijveren voor het uitsterven van de mensheid.
Zo zijn er recent organisaties opgericht als de VHEMT (The Voluntary Human Extinction Movement – Beweging voor het vrijwillig uitsterven van het mensdom). Op internet vind je veertig bladzijden vol doodserieuze argumenten van de VHEMT om ons te doen geloven waarom wij moeten uitsterven.
Het GAIA Liberation Front (Bevrijdingsfront voor moeder aarde, niet te verwarren met het Belgische GAIA) gaat nog een stap verder en stelt iets te voelen voor het onvrijwillig uitsterven van het mensdom: “Wij steunen onvrijwillige sterilisatie en zouden ook nieuwe antimensvirussen verwelkomen zoals een aidsvirus dat zich via de lucht zou verspreiden…” Tal van uitspraken bewijzen dat deze beweging een diepe haat koestert tegenover de mens en zijn verworvenheden. “Zelfs als proefdieren een oplossing zouden kunnen bieden voor aids, dan nog zijn we ertegen. Waarom? Omdat de mensheid gegroeid is als een kanker. Wij zijn het grootste probleem op aarde.” Aldus PeTA, de grootste DRO. Sommige activisten gaan zelfs zover dat ze protesteren tegen roomijs (een product van koeien) zoals recent in Hamburg.
De basis van de DR-beweging vormen de generaties stedelingen die alle contact met de natuur verloren hebben. De beweging heeft een puristische en een pragmatische strekking. Beide streven hetzelfde doel na: een onnatuurlijk en utopisch maatschappijmodel (‘anti-speciëcistische maatschappij’) waarin de mens het recht verliest om, net zoals alle levende wezens waarmee hij deze aardbol deelt, van de natuur en de daarin levende dieren te leven. De purist wil dit desnoods met geweld snel bereiken. De pragmatist gebruikt geen fysiek geweld en is actief onder het mom van dierenbescherming. Een toenemend aantal DRO’s zal in de toekomst leiden tot steeds meer druk op gelijk welk gebruik van dieren, tot meer radicale standpunten en tot geweld.


