Nepkrokodil bijt GAIA

Deze zomer vielen de zelfbenoemde deskundigen van Gaia zwaar door de mand. In een rapport over 15 dierentuinen die ze, naar eigen zeggen, tweemaal bezocht hadden vermeldden ze onder andere dat in dierenpark Le Monde Sauvage in Aywaille de krokodillen nergens kunnen schuilen en dit echt niet door de beugel kan. Nu blijkt echter dat deze mishandelde krokodillen geen echte krokodillen zijn maar wassen beelden die er ter decoratie staan. Dit zegt uiteraard veel over zowel de ‘deskundigheid’ van deze zichzelf benoemde inspecteurs als de manier waarop ze hun ‘waarnemingen’ verrichten.


(Bron cartoon: Knack augustus 2008)

Heden ten dage is “dierenbescherming” een lucratieve industrie geworden waarvan de marketing vaak in handen is van jonge mensen uit onze maatschappij. Het is populair geworden om dieren “te beschermen” en lid te worden van een dierenbescherming- of dierenrechtenbeweging. Het schenken van geld voor dieren geeft blijkbaar bij velen het gevoel dat zij een goed mens zijn. Maar worden er werkelijk zo vele dieren mishandeld?

De werkelijkheid is dat vele van deze campagnes uitgaan van de dierenrechtenbeweging die geen interesse hebben voor dierenbescherming in de klassieke zin van de betekenis maar die streven naar een totale ban van gebruik van dieren in onze maatschappij, wat zij als ‘dierenrechten’ omschrijven. We zien dan ook dat hun acties niet gebaseerd zijn op een wetenschap maar op het geloof dat het verkeerd is dieren te houden en te doden voor menselijke doeleinden.

Deze beweging voor dierenrechten beseft echter maar al te goed dat er geen enkel maatschappelijk draagvlak is voor de wijze waarop zij “dierenbescherming” interpreteren. Het volstaat om te kijken hoe groot het percentage vegetariërs is in onze maatschappij: twee procent. Maar deze dierenactivisten werken wel naar de publieke opinie toe onder het mom van dierenbescherming in zijn klassieke betekenis.

Onder hun invloed is de betekenis van het woord “dierenbescherming” de laatste 20 jaar geëvolueerd. Wanneer je heden ten dage sommige kranten naleest en bepaalde televisieprogramma’s bekijkt dan kom je tot de vaststelling dat “dierenbescherming” ook kan betekenen de totale bescherming van alle dieren onder alle omstandigheden. Deze betekenis heeft niets meer te maken met de originele betekenis van het woord ‘dierenbescherming’. Deze bestond erin dieren, die door mensen worden gebruikt voor voedsel of als transportmiddel, te beschermen tegen nodeloos lijden en ze goed en met kennis van zaken te behandelen. Voor in het wild levende dieren bedoelde men daarmee de dieren tegen overbejaging en uitsterving te behoeden. De bedoeling was zeer mensgericht: gecontroleerde bejaging staat voor duurzaam plezier, en natuurparken bieden safari-plezier. De totale bescherming van dieren onder alle omstandigheden wordt daarom beter en correcter omschreven door de term “dierenrechten”, maar beide termen worden vaak door elkaar gebruikt.

Deze ‘dierenrechtenbeweging’ doet wel alsof ze interesse hebben voor de klassieke dierenbescherming, benoemen zichzelf tot ‘waarnemers’ of ‘inspecteurs’ en doen vervolgens onderzoek naar vormen van dierenmishandeling. Ze stellen vervolgens rapporten op, doorspekt met emotionele beelden, die met veel poeha in de media worden uitgebracht. Deze media-aandacht moet immers zorgen voor de nodige gratis publiciteit om hun kassa te doen rinkelen en acties te kunnen voeren voor hun echte agenda. Dat deze mensen niet geschoold zijn om op een objectieve manier vaststellingen te doen en alles bekijken door een ideologische bril van ‘dierenrechten’ ontgaat velen of is blijkbaar geen bezwaar. Wie durft immers de goeie bedoelingen in vraag stellen van mensen die stellen op te komen voor meer dierenwelzijn in de klassieke zin van de betekenis? Het ergst van al is dat deze zelfbenoemde deskundigen zelfs door overheden om advies gevraagd wordt.

Deze zomer vielen de zelfbenoemde deskundigen van Gaia echter zwaar door de mand. In een rapport over 15 dierentuinen die ze, naar eigen zeggen, tweemaal bezocht hadden vermeldden ze onder andere dat in dierenpark Le Monde Sauvage in Aywaille de krokodillen nergens kunnen schuilen en dit echt niet door de beugel kan. Nu blijkt echter dat deze mishandelde krokodillen geen echte krokodillen zijn maar wassen beelden die er ter decoratie staan. Dit zegt uiteraard veel over zowel de ‘deskundigheid’ van deze zichzelf benoemde inspecteurs als de manier waarop ze hun ‘waarnemingen’ verrichten.

Laten we duidelijk zijn: op zich hebben we geen enkel probleem met het feit dat mensen, wanneer zij menen bepaalde overtredingen rond dierenwelzijn vaststellen, dit melden. Net zoals alle burgers die een wetsovertreding op wat voor gebied ook menen vast te stellen dit melden aan de bevoegde instanties. Het is vervolgens aan deze bevoegde personen om de vaststellingen te doen en de nodige stappen te ondernemen. We vinden het zelfs een morele plicht om flagrante vormen van dierenmishandeling aan te klagen bij de bevoegde instanties. Maar de bevoegde instantie is de politie, die ook een officiele vaststelling met rechtskracht kan doen, en zeker niet de krant of een politicus.

Helaas zijn we gekomen in een situatie waar nepdeskundigen rond dierenwelzijn zichzelf via de media in het oog van de publieke opinie en politiekers opgewerkt hebben tot dé echte deskundigen en zich in de media en naar politici toe ook als dusdanig met de nodige pretentie gaan gedragen. Het gaat zelfs zo ver dat in bepaalde gevallen de vaststellingen gedaan door echte deskundigen publiekelijk in vraag worden gesteld door deze zichzelf benoemde deskundigen zoals we gezien hebben bij de veemarkten.

Wij pleiten daarom dat zowel de overheid als de media een grotere terughoudendheid zou aannemen tegen over de rapporten, adviezen en eisen die uitgebracht worden door dergelijke organisaties en hun nepdeskundigen. Deze bewegingen werken immers met een dubbele agenda en gaan ervan uit dat – omdat zij op het eerste gezicht opkomen voor een goed doel, namelijk dierenwelzijn – hun rapporten niet in twijfel zullen worden getrokken. Nochtans is in het verleden al meer dan eens gebleken dat uitgebrachte rapporten en beeldmateriaal niet zuiver op de graat was. Denken we maar terug aan de fameuze aanklacht van 30 november 2004 waar Gaia een video-opname gebruikte om pelsdierenleed in België aan te klagen. Toen een journalist van Koppen op onderzoek ging bleken zo goed als alle beelden verouderd te zijn en/of niet van Belgische origine. In de Humo van 2005 vertelde redacteur De Vilder van het TV-programma Koppen dat Gaia niet echt gelukkig was met het feit dat Koppen de beelden van Gaia in vraag had gesteld. Ja, dat is Gaia niet gewoon, dat hun informatie die ze doorgeven aan de media eens gecontroleerd wordt.

In het geval van de namaakkrokodillen was er niet eens een onderzoeksjournalist nodig om vast te stellen dat de informatie en vaststellingen van Gaia niet correct zijn. Het is de pure incompetentie en arrogantie van de zelfbenoemde deskundigen die voor de nodige media-aandacht en hilariteit hebben gezorgd.

We kunnen maar hopen dat nepkrokodil Snappie bij zowel de publieke opinie, de media als politieke partijen lang in het geheugen zal blijven hangen en dat de informatie die afkomstig is vanuit de hoek van deze zelfverklaarde inspecteurs met meer zin voor kritiek wordt bekeken.

Misschien kunnen we dit beeld laten bestendigen door in alle zoos plastieken nep-Vandenbosses te laten aanbrengen. Eventueel gemechaniseerd, zodat ze met een belerend vingertje de nep-krokodillen koelte kunnen toewaaien. Of is het plaatsen van zulke vogelschrikken misschien wreed tegenover de dieren?

Tags:

Comments are closed.