NEDERLANDSE CIRCUSSEN BEDROGEN

De Vereniging Nederlandse Circus Ondernemingen (VNCO) en het Breed Overleg Circusdieren (BOC) groeperen nagenoeg alle Nederlandse circussen, circusproducenten en dierentrainers, naast dierdeskundigen en belanghebbenden. Zij hebben een door hen opgestelde notitie ‘Welzijn Circusdieren – Richtlijnen voor het houden en laten optreden van dieren in circussen’ gepresenteerd en van kracht verklaard. Zij hadden een jaar geleden deze richtlijnen voorgelegd aan de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA), het adviesorgaan van de minister. Tevens heeft de VNCO aan de RDA gevraagd om suggesties te doen voor een onafhankelijk controle-orgaan van de Richtlijnen. De RDA heeft vervolgens een werkgroep ingesteld om zich over de Richtlijnen te buigen.
Bijna een jaar later, op 8 maart 2007, heeft de Raad voor Dierenaangelegenheden zijn advies aan de VNCO meegedeeld. “Het is een mager advies geworden, zeker gezien de tijd die ze ervoor genomen hebben,” zegt Gerrit Reus, voorzitter van de VNCO. De Raad voor Dierenaangelegenheden vindt de Richtlijnen een eerste aanzet om tot verder onderbouwde richtlijnen te komen. In afwachting daarvan wil de Raad voor Dierenaangelegenheden ook nog geen aanbevelingen doen over certificering of controle op de handhaving.
Tegenstanders van het circus, de actiegroep Wilde Dieren De Tent Uit, hadden het advies al in handen gekregen en er selectief op hun site en in een persbericht uit geciteerd vóórdat de VNCO de brief had ontvangen. Het VNCO kreeg ook geen informatie over de samenstelling van de werkgroep die de RDA heeft geadviseerd. Eén lid hebben ze kunnen traceren: de heer David van Gennep, directeur van de Stichting AAP en drijvende kracht van de actiegroep Wilde Dieren De Tent Uit. Het VNCO vindt dat een geheime werkgroep niet van deze tijd is en dit maakt hen – terecht – wantrouwend tegenover het gepresenteerde advies.

Tags:

Comments are closed.