DE MEDIA ALS DOORGEEFLUIK VAN DRUKKINGGROEPEN ?
In De Standaard verscheen tussen Kerst en Nieuw van 2009 een vierdelig Kerstessay met een interessante analyse van de media. Deze stukken werden geschreven door Geert Buelens, DS-columnist en hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit Utrecht.
In zijn Kerstessay stelt de auteur dat de zogenaamde en onafhankelijke media steeds minder eigen nieuws produceren en in toenemende mate hun berichten uit een dalend aantal bronnen halen. De aangehaalde cijfers zijn ontluisterend: slechts een schamele 12 procent ( !!!) van wat in de Britse kranten verschijnt, blijkt gebaseerd op eigen onderzoek. 60 procent werd gewoon overgenomen van de persagentschappen en - in toenemende mate en nog alarmerender – van pr bureaus die aan de lopende band drukwerk kopijen genereren in opdracht van bedrijven, partijen en wereldburgers uit de popcultuur die het bovenal van hun beroemdheid moeten hebben. Als u zich als lezer van De Standaard Online afvraagt waar die eindeloze stroom trivia over Britney Spears en Paris Hilton vandaan komt: deze prefabjournalistiek komt veelal rechtstreeks van hun eigen pr dienst. Voor acht procent werd geen duidelijke bron gevonden. De resterende 20 procent was ook gebaseerd op pr- of persbureaus maar waar in meer of mindere mate eigen onderzoek was aan toegevoegd. Noot van de redactie: we moeten dus niet verwonderd zijn wanneer er zoveel halve waarheden, leugens en onzin over de dierlijke producten en sectoren wordt gepubliceerd in de media. De media fungeert voor het grootste deel gewoon als een doorgeefluik van goed uitgekiende persartikels. Als je weet dat de pr-dienst van de dieren-eerstbeweging aan de lopende band persartikels produceert dan weten we waar de vele ongenuanceerde uitlatingen en onzin die in de media verschijnt vandaan komt.
Verder schrijft de auteur dat nagenoeg alles wat van belang is in feite alleen maar in genuanceerde termen te beschrijven is. Politici, zakenlieden en andere bestuurders moeten doorlopend laveren, rekening houden met heel verschillende belangen en invalshoeken. Maar voor die grijstinten hebben de media veelal geen aandacht. Wanneer iemand via de media inhoudelijke kwesties rond een maatschappelijk thema wil doorgronden zal hij vaststellen dat de weergave in de media vooral een spel geworden is waarbij enkel tactiek,anekdotiek en emoties nog een rol spelen. Noot van de redactie: we moeten ons dus ook niet snel aan een grondig debat rond de plaats van het dier in onze maatschappij verwachten. De media beperken zich simpelweg tot het springen van de ene sensationele actie van dierenactivisten naar een andere. Dieper ingaan op de grond van de zaak en eens kijken achter het emotionele rookgordijn is er zelden of nooit bij.
Daarbij vermeldt de auteur dat het een algemene wet is in de media: conflicten doen verkopen. Het conflict dat de kijkers te zien krijgen, gaat zelden of nooit over inhoudelijke keuzes die gemaakt moeten worden. Noot van de redactie: In feite i[LDC1] s de huidige media een ideaal en gratis reclame instrument voor actiegroepen die het vooral van emotie moeten hebben.
Maar Geert Buelens analyseert niet enkel de huidige situatie, hij doet ook suggesties om de kwaliteit van de media te verbeteren. Het was volgens hem een fatale fout van de Vlaamse Overheid om in de beheersovereenkomst met de omroep vast te leggen hoeveel kijkers het VRT-journaal moest halen. Daarmee is de deur wijd opengezet voor de hier besproken tendenzen. De dotatie van de omroep zou mee moeten afhangen van de score van de VRT-nieuwsdienst in de Vertrouwensbarometer. Er moet ook komaf worden gemaakt met de kliekjesgeest in de media. De opinievorming gebeurt al te vaak door communisten en analisten met een gelijkaardige sociologische achtergrond. De manier om dit gamma aan stemmen uit te breiden en tegelijkertijd een nieuwe generatie lezers te engageren werd afgelopen najaar met succes uitgeprobeerd door The Washington Post . De krant organiseerde, naar analogie met reality-tv-programma’s als American Next Top Model een wedstrijd om de nieuwe Carl Devos of Marc Reynebeau te worden. Het genereerde nieuwe opiniemakers die zo goed zijn dat het onbegrijpelijk was dat ze nooit eerder opvielen. Daarnaast stelt Buelens dat alle Vlaamse redacties ook een ombudsman zouden moeten hebben waar de lezers meteen terecht kunnen met klachten. Geert Buelens sluit af met de hoop dat er ten minste een krantenbaas zal zijn die uit de huidige rat race zal stappen en weer gewoon gaat doen waarvan het gros van zijn journalisten eindelijk droomt: de best mogelijke krant en website maken.
Tags: Media



